
De zorgsector staat voor een dubbele uitdaging: het leveren van hoogwaardige, toegankelijke zorg én het drastisch verkleinen van haar ecologische voetafdruk. In Nederland is de zorg verantwoordelijk voor een aanzienlijk deel van de CO₂-uitstoot, grondstoffengebruik en afvalproductie. Tegelijkertijd raakt klimaatverandering direct aan gezondheid, wat de urgentie vergroot om juist binnen de zorg te verduurzamen. In deze artikelenreeks zoomen we in op ecologische duurzaamheid in de praktijk. In dit eerste artikel spreken we met Gwen van Lierop (IC-verpleegkundige bij het Elkerliek Ziekenhuis in Helmond en alumna van de master Gezondheidsinnovatie) over gedrag en implementatie van ecologische duurzaamheid op de intensive care (IC). Gwen schreef reeds haar masterthesis over dit onderwerp en is er nu in haar werk nog steeds volop mee bezig.
Wat was de aanleiding voor jouw onderzoek naar ecologische duurzaamheid op de IC?
Van Lierop werkte al actief binnen een ‘groene IC’-werkgroep en gebruikte duurzaamheid als rode draad in haar opleiding. In de praktijk merkte ze dat goede ideeën niet vanzelf succesvol worden. “Er is veel informatie en er zijn allerlei initiatieven, maar hoe je een duurzaam project echt van A tot Z implementeert, dat miste vaak.”
Die worsteling vormde de kern van haar onderzoek: waarom stranden duurzame initiatieven, en wat is er nodig om ze wél succesvol te maken? Daarbij keek ze expliciet naar zowel bevorderende als belemmerende factoren, van motivatie en financiering tot beleid en regelgeving.
Welke factoren beïnvloeden het gedrag van IC-verpleegkundigen rondom ecologische duurzaamheid het meest?
Volgens Van Lierop begint alles met bewustwording. Zorgprofessionals moeten inzicht krijgen in de impact van hun handelen. “Een abstracte CO₂-besparing zegt weinig, maar als je het vertaalt naar bijvoorbeeld kilometers autorijden, wordt het concreet.”
Daarnaast speelt motivatie een grote rol. Sommige collega’s zijn intrinsiek gemotiveerd, terwijl anderen het nut betwijfelen. Juist daarom is het belangrijk om duurzaamheid praktisch en haalbaar te maken, zonder extra werkdruk. Van Lierop gaat daarom het gesprek aan: wat hebben collega’s nodig om duurzame keuzes te maken met zo min mogelijk extra inspanning?
3Kun je voorbeelden geven van duurzame initiatieven die wel of juist niet succesvol waren?
De praktijk laat zien dat duurzaamheid zelden zwart-wit is. Zo leek de invoering van wasbare onderleggers (ter vervanging van wegwerpmateriaal) een logische stap, maar bleek deze in haar ziekenhuis niet haalbaar door milieubelastende wasprocessen. “Als je het hele proces bekijkt, was het uiteindelijk niet duurzamer.”
Succesvoller zijn vaak kleine, gedragsgerichte aanpassingen. Denk aan het verminderen van materiaalgebruik of het optimaliseren van doseringen. Een voorbeeld is het verlagen van de standaardinstelling van infuuspompen, waardoor minder spuiten, verpakkingen en vloeistof nodig zijn. “Het lijken kleine stappen, maar de impact stapelt zich op.”
Wat hebben organisaties nodig om zorgprofessionals beter te ondersteunen in ecologisch duurzaam handelen?
Duurzaam gedrag kan niet alleen op de werkvloer worden afgedwongen. Volgens Van Lierop begint het bij de organisatie: duidelijke doelen, passend beleid en voldoende middelen. “Je hebt tijd, geld en beleid nodig. Bijvoorbeeld door iemand expliciet verantwoordelijk te maken voor duurzaamheid en daar capaciteit voor vrij te maken.”
Hoewel er landelijke initiatieven bestaan, zoals de Green Deal Duurzame Zorg, ervaart zij de vertaalslag naar de werkvloer nog vaak als vrijblijvend. Dat maakt het des te belangrijker dat ziekenhuizen zelf regie nemen en duurzaamheid structureel inbedden.
Hoe zie jij de toekomst van ecologische duurzaamheid op de IC en in de bredere ziekenhuiszorg?
Van Lierop ziet vooral veel onbenutte kansen. Een sprekend voorbeeld is het verminderen van onnodig diagnostisch onderzoek, zoals dubbele bloedafnames bij verschillende specialismen. Door processen beter op elkaar af te stemmen, kan met dezelfde kwaliteit van zorg aanzienlijk worden bespaard op materiaal, transport en tijd.
Toch vraagt dit om meer dan alleen goede intenties. Technologische ondersteuning, zoals slimmere systemen die zorgprocessen combineren, is essentieel om dit soort optimalisaties mogelijk te maken.
De belangrijkste les uit haar onderzoek is helder: duurzaamheid in de zorg draait niet alleen om systemen en techniek, maar vooral om mensen. Bewustwording, motivatie en praktische haalbaarheid bepalen of initiatieven slagen. Juist op plekken als de intensive care, waar zorg en materiaalgebruik intensief zijn, ligt een enorme kans om impact te maken — mits gedrag en context centraal staan.
