De Maastricht UMC+ Academie.

In het artikel van deze week besteden we aandacht aan de Maastricht UMC+ Academie. Ik sprak hiervoor met directeur Michel van Zandvoort.

Wat is de Maastricht UMC+ Academie?

“De Maastricht UMC+ Academie is de verzamelnaam voor alle onderwijs- en opleidingsactiviteiten aan de ziekenhuiskant van het MUMC+. Het gaat hierbij dus niet om de facultaire kant van het MUMC+, zoals de reguliere (bachelor en master) geneeskunde opleidingen. Concreet bestaat de Maastricht UMC+ Academie uit drie onderdelen: ten eerste de medische vervolgopleidingen (opleiden van arts-assistenten en medisch specialisten), waarvoor we met de opleiders ondersteunen, de kwaliteit bewaken en accenten leggen als het gaat over bijvoorbeeld doelmatigheid van zorg. Daarnaast hebben we een uitgebreid simulatiecentrum, dat zich bezighoudt met allerlei vormen van life support, team resource trainingen en deeltaaktrainingen. De derde poot, tevens de grootste, is de academie zorgopleidingen. Belangrijke targets binnen deze poot zijn dan weer het beroepsonderwijs, zoals de praktijkcomponent van mbo- en hbo verpleegkundige opleidingen, de verpleegkundige vervolgopleidingen en het thema werkplekleren. Alles bij elkaar werken er bij de Maastricht UMC+ Academie zo’n 55 mensen en 200 freelancers, hebben we rond de 500 assistenten in opleiding, rond de 300 studenten in het vervolgonderwijs, lopen er zo’n 250 leerlingen verpleegkunde rond, en zijn er in het werkplekleren zo’n 10.000 zorgprofessionals betrokken. Voor een deel leiden we voor ons zelf op, maar daarnaast hebben we zeer nadrukkelijk ook een regionale functie.”

Werkt de Academie ook samen met (mbo-hbo-wo) opleiders in de regio? En zo ja, op welke wijze?

“Als je kijkt naar de hele onderwijskolom dan luistert deze samenwerking redelijk nauw, van de initiële beroepsopleidingen tot de doorstroom naar het vervolgonderwijs. Opvallende trend is momenteel bijvoorbeeld de toenemende vraag naar gespecialiseerd verpleegkundigen. Samen met de reguliere onderwijspartners moet er strategisch worden samengewerkt om aan de toekomstige vraag naar gespecialiseerd verpleegkundigen te kunnen voldoen. Deze samenwerking tussen onderwijs en zorgpraktijk heeft (weliswaar op landelijk niveau) al geleid tot het hbo ‘Bachelor Nursing 2020’ project, dat op haar beurt heeft geresulteerd in een aanzet tot vernieuwing van de hbo verpleegkunde opleiding, afgestemd op de veranderende eisen die aan verpleegkundigen gesteld zullen worden. Tegelijkertijd moeten we ook de zorgpraktijk van nu goed kunnen blijven bedienen. Dit is dus een kwestie van balans zoeken tussen wat er nu nodig is en wat er in de toekomst nodig is.” Dat deze samenwerking ook wel eens wringt blijkt uit het gegeven dat de traditionele zorgopleidingen heel breed opleiden, terwijl er binnen de klinische setting van een UMC juist behoefte bestaat aan steeds meer maatwerk. Maar ook hier vinden beide partijen elkaar. Een goed voorbeeld hiervan is de Verpleegkundige Topopleiding, welke in samenwerking met een lokale mbo-opleider is ontwikkeld.

Merkt u ook in de praktijk al dat traditionele zorgberoepen (zoals dat van verpleegkundige) aan veranderingen onderhevig zijn, bijvoorbeeld door ontwikkelingen als zorg op afstand en nieuwe inzichten als ‘positieve gezondheid’?

“Dat begint nu zichtbaar te worden, stapje voor stapje. We zullen mensen moeten blijven voorbereiden op de steeds veranderende zorg. Een mooi voorbeeld is de rol van de ‘regie-verpleegkundige’, vergelijkbaar met die van een hoofdbehandelaar in het medisch domein. Omdat de zorg steeds complexer wordt, waarbij er steeds meer verschillende professionals nodig zijn binnen een behandeltraject, is er ook een toenemende behoefte aan professionals die de zorg voor een patiënt coördineren. Het gaat hierbij niet enkel meer om wat medisch gezien van belang is, maar ook om de psychosociale kant van het verhaal, zoals de wensen en de betrokkenheid van patiënten zelf. In de opleidingen zien we dit met name terug bij de beroepsopleidingen, waarbij er steeds meer aandacht wordt geschonken aan de zogenaamde ‘21e-eeuwse vaardigheden’, zoals het ontwikkelen van een andere kijk op de zorg en het anders omgaan met technologie.”

Zijn de opleidingsprogramma’s van de Academie ook beschikbaar voor andere zorgorganisaties?

“Voor de verpleegkundige vervolgopleidingen en ons werkplekcurriculum ‘klinisch redeneren’ heeft de Academie een duidelijk regionale functie, voor heel Zuidoost-Nederland zelfs. Onze missie daarin is ‘partner in planning’, om samen te kijken wat je nodig hebt op welk moment. Vaak ook vanwege de kleine aantallen, met name in het geval van de gespecialiseerde vervolgopleidingen, ben je eigenlijk gedwongen om samen te werken.”

In hoeverre is de Academie actief op het vlak van onderwijsinnovatie?

“Naast onderzoek naar het effect van onderwijsinterventies in de initiële opleidingen (in samenwerking met de Maastricht School of Health Professions Education), wordt er binnen de Maastricht UMC+ Academie ook steeds meer aandacht geschonken aan het leren van de professional op de werkplek (het zogenaamde ‘werkplekleren’). Niet alleen in individueel opzicht, maar ook, hoe kunnen verschillende professionals samen leren op de werkplek? Bijvoorbeeld in een multidisciplinaire setting, waarbij zowel de geneeskunde student, als de aio’s, de gespecialiseerd verpleegkundige, de specialist, etc. betrokken zijn. Centraal hierin staat hoe dan ook de vraag hoe de professional geholpen kan worden om zijn werk zo goed mogelijk te doen.”

Bedankt voor het lezen en mocht u vragen of opmerkingen hebben, aarzel dan niet om ons te contacteren.

close

Meld u aan en ontvang elk nieuw bericht meteen in uw inbox!

We spammen niet! Lees ons privacybeleid voor meer info.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.